23 2coronavirus.pdf

Aperçu texte
17623
BELGISCH STAATSBLAD — 23.03.2020 − Ed. 2 — MONITEUR BELGE
Art. 3. Alle stukken van de rechtspleging dienen, met toepassing
van artikel 82, eerste lid, van de voormelde bijzondere wet in beginsel
onverminderd bij een ter post aangetekende brief aan het Hof te
worden gezonden.
Art. 3. La règle contenue dans l’article 82, alinéa 1er, selon laquelle
l’envoi à la Cour de toute pièce de procédure doit être fait sous pli
recommandé à la poste, reste en principe intégralement applicable.
Partijen kunnen evenwel ervoor kiezen de stukken van de rechtspleging elektronisch te versturen aan het Hof uiterlijk om 13 u op de dag
waarop de termijn verstrijkt op het adres griffie@const-court.be,
rekening houdend met de voormelde schorsing. Zowel het elektronisch
bericht als zijn bijlage(n) worden ter griffie uitgeprint, met vermelding,
op elk document, van de datum van de elektronische verzending door
de partijen en de opening van het bericht ter griffie. Zij worden door de
griffier voor ontvangst geviseerd én aan het dossier toegevoegd.
Toutefois, les parties peuvent choisir d’envoyer les pièces de
procédure à la Cour par voie électronique à l’adresse
griffie@const-court.be, au plus tard à 13 heures le jour de l’expiration du
délai tenant compte de la suspension précitée. Tant le message
électronique que son ou ses annexe(s) sont imprimés au greffe, avec
mention, sur chaque document, de la date de l’envoi électronique par
les parties et de l’ouverture du message au greffe. Le greffier les vise
pour réception et les ajoute au dossier.
Art. 4. De griffie wordt gesloten voor persoonlijk contact.
Een minimumdienstverlening wordt toegepast. De griffie blijft
bereikbaar via telefoon, elektronische briefwisseling of briefwisseling
via de gewone post.
Art. 4. Le greffe est fermé en ce qui concerne les contacts
personnels.
Un service minimum est appliqué. Le greffe reste joignable par
téléphone, par e-mail ou par courrier ordinaire.
GEMEENSCHAPS- EN GEWESTREGERINGEN
GOUVERNEMENTS DE COMMUNAUTE ET DE REGION
GEMEINSCHAFTS- UND REGIONALREGIERUNGEN
VLAAMSE GEMEENSCHAP — COMMUNAUTE FLAMANDE
VLAAMSE OVERHEID
Mobiliteit en Openbare Werken
[C − 2020/40775]
21 MAART 2020. — Gezamenlijke Bekendmaking nr. 02-2020
Maatregelen tegen verspreiding coronavirus
Permanente Commissie van Toezicht op de Scheldevaart
Gemeenschappelijk Nautisch Beheer. — Scheldegebied
De Nederlandse Rijkshavenmeester Westerschelde, tevens Hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat Zee & Delta
en de administrateur-Generaal van het Agentschap Maritieme Dienstverlening en Kust maken het volgende bekend:
dat er naar gestreefd dient te worden dat de werking van de nautische keten gegarandeerd blijft, zeker in de
uitzonderlijke omstandigheden betreffende de coronacrisis;
dat in de bestaande instructies van het RIVM voor personen werkzaam in vitale beroepen - welke door het
Nederlands Loodswezen worden gehanteerd - te lezen valt dat zij pas thuis dienen te blijven bij klachten en koorts;
dat in Vlaanderen van overheidswege een strengere norm gehanteerd wordt, waarbij ieder ziek personeelslid
onmiddellijk de werkplek moet verlaten;
dat loodsen/medewerkers van de Nederlandse en Vlaamse loodsdienst binnen de nautische keten fysiek samen
werken op de volgende locaties:
- Loodsstations West en Noord
- Vervoer van loodsen over water
dat de Nederlandse Rijkshavenmeester Westerschelde, tevens Hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat Zee &
Delta en de administrateur-Generaal van het Agentschap Maritieme Dienst-verlening en Kust de beide loodsdiensten
hebben verzocht maatregelen te treffen, teneinde de operationele gevolgen van bovenstaande discrepantie in beleid van
beide landen tot een minimum te beperken;
dat de beide loodsdiensten daarop het volgende pakket aan maatregelen hebben vastgesteld:
1. Dat de Vlaamse en Nederlandse loodsdienst maximale inspanning zullen leveren om aan boord van alle
loodsvaartuigen de ‘social distancing’ van 1,5 m te hanteren.
2. Dat de Vlaamse en Nederlandse loodsdienst op de Westpost en op de Noordpost zoveel als mogelijk het contact
tussen bemanning en loodsen onderling zullen vermijden. Gezien het geschetste verschil in beleid tussen de Vlaamse
en Nederlandse overheid zal worden voorzien in een voor elke nationaliteit aangemerkte wachtruimte waar de loodsen
gebruik van kunnen maken.